Beetje per beetje beginnen de puzzelstukken op hun plaats te vallen. Ik kan maar niet geloven dat ik al meer dan een halfjaar aan het schrijven ben. Geregeld komt iemand eens goed aan mijn puzzeldoos schudden, en dat is maar goed ook. Hoewel ik al serieus gevloekt heb dat ik telkens opnieuw mag beginnen, zie ik toch vooruitgang. Eindelijk.
Ik denk dat het een beetje een menselijke fout is: kijken hoever je nog moet, in plaats van kijken hoever je al gekomen bent. Deze week heb ik eens alle kladwerken (ik heb letterlijk àlles bijgehouden) bekeken en zag ik dat mijn puzzel toch al heel wat mooier geworden is dan diegene die ik in december gemaakt had. Alle randjes liggen samen, met grote stukken die al opgevuld zijn en wanneer ik goed kijk, kan ik de eindfiguur al zien. Als ik héél goed kijk.
Dezer dagen ben ik zeer voorzichtig met mijn puzzeldoos; ik ben bang dat er plots een aardbeving komt die alles nogmaals grondig door elkaar zal schudden. Ik heb goesting om de secondelijm uit te halen en het geheel stevig vast te kleven zodat er niets meer kàn gebeuren. Gelukkig ben ik intussen verstandig genoeg om te weten dat je altijd dingen zal willen veranderen en dat het nooit "perfect" zal zijn. Maar het moet goed genoeg zijn, voor mezelf.
Na al die jaren zweten en zwoegen, pauze pakken, doorzetten, zorgen voor iedereen tijdens "mijn pauze", toch weer doorzetten... wil ik een eindresultaat waar ik fier kan op zijn. Dat betekent geen gigantische score (al zou dat natuurlijk erg leuk zijn, een mens mag dromen), maar wel dat ik weet dat ik alles gedaan heb waar ik toe in staat was. Rekening houdende met het gehele plaatje (Ik ben ook nog mama, vrouw, leerkracht, remember?). Wanneer mijn puzzel klaar is, zal het niet de mooiste of de beste zijn, maar voor mij zal het één van de grootste prestaties ooit worden, no matter what.
Hoewel ik de laatste dagen dag én nacht aan het werken ben en dit de komende weken ook nog zal doen, probeer ik realistisch te zijn. Lukt het niet om de eindmeet in mei te halen, dan kan ik op eigen tempo rustig doorlopen tijdens de zomer. Die finishline, die haal ik wel, op mijn eigen manier, al is het al kruipend.
Ik denk dat het een beetje een menselijke fout is: kijken hoever je nog moet, in plaats van kijken hoever je al gekomen bent. Deze week heb ik eens alle kladwerken (ik heb letterlijk àlles bijgehouden) bekeken en zag ik dat mijn puzzel toch al heel wat mooier geworden is dan diegene die ik in december gemaakt had. Alle randjes liggen samen, met grote stukken die al opgevuld zijn en wanneer ik goed kijk, kan ik de eindfiguur al zien. Als ik héél goed kijk.
Dezer dagen ben ik zeer voorzichtig met mijn puzzeldoos; ik ben bang dat er plots een aardbeving komt die alles nogmaals grondig door elkaar zal schudden. Ik heb goesting om de secondelijm uit te halen en het geheel stevig vast te kleven zodat er niets meer kàn gebeuren. Gelukkig ben ik intussen verstandig genoeg om te weten dat je altijd dingen zal willen veranderen en dat het nooit "perfect" zal zijn. Maar het moet goed genoeg zijn, voor mezelf.
Na al die jaren zweten en zwoegen, pauze pakken, doorzetten, zorgen voor iedereen tijdens "mijn pauze", toch weer doorzetten... wil ik een eindresultaat waar ik fier kan op zijn. Dat betekent geen gigantische score (al zou dat natuurlijk erg leuk zijn, een mens mag dromen), maar wel dat ik weet dat ik alles gedaan heb waar ik toe in staat was. Rekening houdende met het gehele plaatje (Ik ben ook nog mama, vrouw, leerkracht, remember?). Wanneer mijn puzzel klaar is, zal het niet de mooiste of de beste zijn, maar voor mij zal het één van de grootste prestaties ooit worden, no matter what.
Hoewel ik de laatste dagen dag én nacht aan het werken ben en dit de komende weken ook nog zal doen, probeer ik realistisch te zijn. Lukt het niet om de eindmeet in mei te halen, dan kan ik op eigen tempo rustig doorlopen tijdens de zomer. Die finishline, die haal ik wel, op mijn eigen manier, al is het al kruipend.
Reacties
Een reactie posten